fbpx

De kern van Advaita Vedanta is het begrip van superimposition. Dit is een aanname en wanneer die aanname doorzien wordt (de-superimposition) kom je bij de realiteit van het bestaan.

De vergissing in superimposition is dat de persoon en de wereld als de (enige) realiteit worden gezien. Er is echter een diepere realiteit.

1.Er is een ik en de wereld
Ik ga uit van de aanname dat ik er ben als persoon en dat ik leef in de wereld van dingen.

Er is identificatie met het lichaam, denken en voelen. Er is een ik en daarmee een wereld.

2.De oorzaak van ik en de wereld is het Bestaan
Er is echter een oorzaak van waaruit het ik en de wereld voortkomen. Dat is het Bestaan zelf.

De bron van elke ervaring is de conceptloze aanwezigheid (ik ben). Wanneer je deze aanwezigheid ervaart is het mogelijk om jezelf te ervaren als aanwezigheid. Er is geen ik en een wereld gescheiden van deze aanwezigheid.

3.Er is geen ik en een wereld apart van het Bestaan
Ik en de wereld bestaan niet los van het bestaan zelf. Het bestaan zelf heeft dus geen gevolg of effect. Er is alleen het bestaan zelf.

Aanwezigheid is de bron en de oorzaak van alles. De instructie is dan ook om te verblijven in deze conceptloze aanwezigheid en jezelf te onthechten van het ik en een wereld.

4.Er is alleen het Bestaan
Wanneer er alleen het bestaan zelf is, is dat wat ik ben. Ik, de wereld en het Bestaan zijn een en hetzelfde.

Wanneer je jezelf steeds weer als deze aanwezigheid ervaart is er op een gegeven moment niets meer dan dat. Aanwezheid is je volledige identiteit. Deze ervaring als aanwezigheid verdiept zich verder in de kennendheid van iets Absoluuts. Dit Absolute is onkenbaar en toch weet je dat je DAT bent.

Realiseer jezelf als het Absolute en zie dat ik en de wereld vormen zijn van DAT. Deze realisatie is het ultieme geluk en stopt het overmatige lijden van de persoon.

Share This